quad versterker, quad luidspreker, revisie, ombouw, reparatie
Armand van Ommeren
Kerkstraat 56
4854 CG Bavel
The Netherlands
0161-432451
armand@quadrevisie.nl
KvK Breda 20064173



<< Terug
 

Elipson 1303 FH luidspreker



1987 Armand van Ommeren

Als rechtgeaarde liefhebber van (bijna) alles wat Frans is, dat ben ik al aan mijn voornaam verplicht, heb ik vaak het plan opgevat wat meer aan Franse apparatuur te doen, maar telkens was er wel iets waardoor dit niet lukte. Stabiliteit is niet de meest opvallende eigenschap van Frankrijk en zijn producten. Aan de andere kant bieden Frankrijk en zijn inwoners natuurlijk wel een nauwelijks te evenaren inventiviteit en originaliteit. En ik moet zeggen dat ik ook enige sympathie heb voor de manier waarop de Fransen proberen de Japanners buiten de deur te houden en de eigen industrie te stimuleren.

Dat heeft natuurlijk allemaal niets te maken met Elipson, hoewel, niets, maar het is dunkt mij wel degelijk de achtergrond waartegen een ontwerp als de 1303 gezien moet worden. Want deze luidspreker wordt in zijn basisontwerp al meer dan 15 jaar gemaakt en is zonder meer qua idee de voorloper van de KEF 104/2 en 107 luidsprekers. En zo gaat het de Fransen vaak. Zij hebben het idee, en anderen maken iets goeds van.

De 1303 van Elipson is een tamelijk forse luidspreker. Gezien zijn lengte (102 cm) zou men van een 'High-End' kunnen spreken. Diepte en breedte beide 30 cm, gewicht 21 kg. Dat laatste valt mee, maar dat heeft te maken met de slimme constructie. Die constructie is hoogst interessant en steunt voor een fors deel op het werk van de Duitse natuurkundige Herman Ludwig Ferdinand von Helmholz, die leefde van 1821 tot 1894. Hij was voornamelijk bezig met perceptieonderzoek en de relatie daarvan met het menselijk gehoor. Zijn belangrijkste vinding, of liever gezegd: toepassing van zijn onderzoekingen, is de 'Helmholz-resonator', een zorgvuldig berekende ruimte, in de vorm van een kast of vaasachtige contraptie, die natuurlijk een eigenresonantie heeft, die wordt gebruikt om de karakteristiek van iets anders te corrigeren. Daar zijn eenvoudige, maar ook ingewikkelde voorbeelden van te geven. Zoals een ruimte voor opname van gesproken woord bij een omroep, die een uitgesproken resonantie blijkt te hebben. Dat geeft elke opname in zo'n ruimte een typische en meestal hinderlijke klank. Met een Helmholz-resonator, die goed is afgestemd, kan dat effect worden verminderd of zelfs teniet worden gedaan: hij absorbeert a.h.w. de hinderlijke frequentie. Deze gebruikt de energie die we kwijt willen op die hinderlijke frequentie. Of omgekeerd. De Helmholz-resonator kan ook zo gemaakt worden dat hij meewerkt en 'gaten' opvult.

Die techniek is door Elipson gebruikt om de problemen die aan elk kastontwerp kleven te lijf te gaan, om typische kastgeluiden, geluid uit een doosje, op te heffen.



Elke kast, van elke luidspreker, maar, zoals in de folder van Elipson terecht wordt opgemerkt, ook een kast waar geen luidspreker in zit, heeft een eigen resonantie. Er is een frequentie waarbij de kast mee gaat doen en aldus het totaal gaat vergroten. Enige tijd geleden had ik een leuk voorbeeld van dit verschijnsel. Ik was op bezoek bij Bert van den Brink en die speelde een stuk van Schubert op zijn fraaie Steinway. In de hoek van zijn kamer stond een oude piano, waarvan het hele mechaniek naar de restaurateur was gebracht voor een grondige opknapbeurt. Zonder dat er iemand aan kwam speelde die piano vrolijk met de Steinway mee! Doordat dempers ontbraken, reageerden alle snaren op die van de grote broer. Een spookachtige verschijnsel, dat natuurlijk heel logisch is, als je tenminste even doordenkt.

Bij die piano gaat het om snaren, maar het is natuurlijk ook mogelijk een afgesloten ruimte te maken, mt een verbinding naar de ruimte waar het om gaat, die een versterkend, dan wel verzwakkend effect heeft op wat zich in de hoofdruimte afspeelt. Het versterkende, of verzwakkende effect, is op zich een kwestie van fase: in-fase betekent versterken, uit-fase verzwakken.

Een tweede punt, maar dat is, in tegenstelling tot het eerste, wl aan de buitenzijde van de 1303 te zien, is de fase-correctie tussen midden en hoog, die is bereikt door de versprongen voorzijde. Vooral in de witte uitvoering is dat zo'n beetje het handelsmerk van Elipson geworden. Ik vind het schitterend van vormgeving, maar tot mijn verbazing waren het minder mensen met mij eens dan ik had verwacht. De 1303 van Elipson is een driewegsysteem met drie luidsprekers. Het wisselfilter werkt gedeeltelijk elektronisch en gedeeltelijk akoestisch. De spreiding wordt volgens de makers nog verder verbeterd door de naar voren toe smaller wordende kast. Ik neem het gaarne van ze aan.

Om dan zo langzamerhand maar eens iets over de klank te gaan zegen, moet mij van het hart dat juist die mij tegenviel. Akkoord, het is geen punt om een punt van te maken, maar toch. En wat is tegenvallen: van alle 'gewone' luidsprekers, niet-elektrostaten dus, die ooit in mijn kamer hebben gestaan, is deze Elipson moeiteloos de beste. En toch is dat vreemd.

Want er hebben luidsprekers gestaan waar ik minder kanttekeningen bij maakte. Waarbij ik heel wat moeilijker kon aangeven wat er fout aan was. Bij deze luidspreker kan ik exact aangeven wat eraan verbeterd zou moeten worden om hem perfect te maken. Vast en zeker weten ze dat bij Elipson ook, maar het zal wel niet eenvoudig zijn er iets aan te doen. Ik bedoel maar, iemand die een luidspreker als deze maakt, hoort de fouten minstens even goed als ik. Toch moeten we het daar nog even over hebben. Ik weet nog goed dat mijn eerste bespreking voor Luister die van de M-70 van Bang & Olufsen was (1976). Daarin wees ik toen op het belang van de totaalindruk. Die is bepalend en die is bj de 1303 zeer overtuigend, net als toen bij die M-70. Je hoort de fouten en de beperkingen, maar het totaal stt! het hoog is puntgaaf, helder, maar nooit scherp. Wel vind ik dat het oploopt en dat is jammer. Geen problemen voor een goede klankregeling (daar is ie voor!), maar de fabrikant zou er verstandig aan doen er een dB of twee, drie vanaf te halen. Het middengebied is het sterke punt waar deze luidspreker zijn kwaliteiten aan dankt. Goed getekend, doorzichtig en vooral rustig. Zeldzaam goed. Het laag is duidelijk aanwezig (beter dan ik mij dat van voorgaande Elipsons herinner, maar dat kan aan mij liggen), maar is wat 'heuvelachtig'. Er zit rond de 150 Hz een dal in de karakteristiek, waardoor bepaalde frequenties een beetje weg dreigen te vallen, maar waar het laagste laag zeer fraai en getekend aanwezig is. Een mogelijke verbetering zou hier kunnen zijn de 'poort' van de achterzijde naar de voorzijde te verplaatsen. Het menselijk gehoor mag dan niet zo gevoelig zijn voor de richting van het laag, het is wel gevoelig voor de fase ervan.

Ik ga afronden. En ik kan er kort over zijn. De Elipson 1303 FH (Foster bandtweeter) is de fijnste conusluidspreker die ik in jaren heb gehoord. Dat komt allereerst door het uitstekende middengebied, dat kan wedijveren met een elektrostaat. Daarnaast door het heldere, maar nooit gemene hoog. Als ik moest kiezen en het mocht geen ESL zijn, dan weet ik nu wat ik zou doen. Ik zal ze missen, die Elipsons.

Nawoord
Dick Vaas in Domburg (dikvaas@zeelandnet.nl www.elipson.nl) doet veel in Elipson en restaureert ze ook. Hij houdt het merk op voortreffelijke wijze in ere!

<< Terug