quad versterker, quad luidspreker, revisie, ombouw, reparatie
Armand van Ommeren
Kerkstraat 56
4854 CG Bavel
The Netherlands
0161-432451
armand@quadrevisie.nl
KvK Breda 20064173



<< Terug
 

Test Quad ESL 63

Op reis in het land van Peter Walker (I)

 

©Armand van Ommeren

 

Na ruim tien jaar naar de oude ESL geluisterd te hebben was de komst van de nieuwe Quad ESL-63 in het voorjaar van '81 een bijzondere gebeurtenis. Ik mocht die oude wel, lekker eigenwijs en niet zo'n vierkante doos met een gordijn ervoor. Een naamplaatje was ook al niet nodig. Onze kat was ook erg op de oude gesteld, zij lag er vaak op te slapen...


Legendes
Voor ik verslag doe van mijn ervaringen met de ESL-63, wil ik graag nog een paar opmerkingen maken over het oude model en over monitor-luidsprekers in het algemeen. Iedereen kent de legendevorming rond de oude ESL: er komt geen laag uit. Als nu n punt van kritiek misplaatst is, dan is het dt wel. Nog steeds is het zo dat de eerste Quad ESL een beter laag geeft dan zeker 90% van de luidsprekers die op de markt zijn, enkele zeer dure en gerenommeerde niet uitgezonderd. Zeker, het laag valt eerder weg dan bij een aantal grote kasten, maar de definitie in het laag is superieur aan bijna elke concurrent. Nee, de werkelijke problemen van de eerste ESL zitten heel ergens anders: hij kan voor bepaalde muziek in bepaalde ruimten niet genoeg vermogen verwerken en ook de spreiding in het hoog laat te wensen over. Vreemd genoeg hoor je bij alle kritiek zelden of nooit iets over die punten. Toch beschouw ik de eerste Quad ESL nog altijd als n van de beste luidsprekers die er zijn. En degenen die zoeken in de prijsklasse van vijftienhonderd tot tweeduizend gulden per paar, moeten zich toch eens afvragen of een paar gebruikte Quads een overweging verdient.



Monitorluidsprekers
Deze titel wordt nogal eens gebruikt voor luidsprekers in de top(prijs)klasse en op zich niet altijd ten onrechte. Wel moet duidelijk zijn wat we met die titel bedoelen. Een monitor-luidspreker is een luidspreker die aan een neutraliteitseis voldoet. Nu heeft niemand ooit vastgesteld wat die eis dan wel is, zodat de titel op zich een term blijft die een fabrikant ook op een draagbare radio zou kunnen plakken. Wel is duidelijk dat een monitorluidspreker van een serieuze fabrikant gemaakt is om een zo eerlijk mogelijke weergave te krijgen. Met andere woorden: een luidspreker die zo exact mogelijk laat horen wat er op de plaat of de band staat, zonder er iets bij of af te doen. U zou dit kunnen vergelijken met de functie van de beeldmonitor in een controlekamer van een tv-studio, waar de beste tv-monitoren worden gebruikt die te vinden zijn om het beeld van elke camera te kunnen beoordelen, om te zorgen dat de camera's aan elkaar gelijk zijn en te voorkomen dat heel het land naar bijv. een te rood beeld moet kijken. Dat die monitoren zo eerlijk mogelijk moeten zijn, is duidelijk. Maar zodra het gaat over luidsprekers, is dat ineens in de ogen van velen niet meer waar. Dn is een monitorluidspreker ineens geen luidspreker meer die neutraal moet zijn, maar moet hij een 'vergrootglas-werking' hebben 'om de fouten beter te kunnen horen'. Kletskoek, want wt moet die luidspreker dan wel beter laten horen? Het hoog? Het midden? Het laag?

Referentie (?)
Bij het maken van opnamen voor plaat, radio en tv, opnamen dus waar zeer velen naar zullen gaan luisteren, is het een verkeerd uitgangspunt dat die opnamen gerefereerd zouden moeten worden aan de gemiddelde luidspreker. Dat is in het ontwerpstadium van zowel studio- als huiskamerapparatuur al gebeurd. Een ontwerper van een transistorradio gaat er terecht van uit dat het aangeboden signaal gebaseerd is op een rechte curve aan beide zijden van het proces. Gaat men in de studio rekening houden met de eigenschappen van de modale luidspreker, dan benadeelt men niet alleen de bezitter van hoogwaardige spullen maar ook die van eenvoudige luidsprekers. Toch worden voor die referentie overal ter wereld 'modale' luidsprekertjes op de studioregeltafels geplaatst (meestal Auratone), om te beoordelen of het produkt geschikt is voor de 'modale' luisteraar. Ik zal daar nooit vrede mee hebben. Kodak maakt ook geen proefdia's met vuile lenzen omdat de meeste mensen hun lenzen niet schoon houden. En Phonogram beoordeelt zijn platen niet met vuile naalden omdat de meeste mensen hun naald slecht schoonhouden. Een luidspreker, en zeker een monitorluidspreker, moet zo eerlijk mogelijk laten horen wat hem wordt aangeboden. Natuurlijk binnen de beperkingen van de afmetingen, kosten enz. Daarom ben ik ook zo blij met de komst van de Compact Disc. Dan zijn we over enige tijd wellicht, vooral bij luidsprekerbeoordelingen, eindelijk van een aantal vertroebelende factoren af. Dan kunnen we niet zo gemakkelijk meer de schuld geven aan de persing of het element. Het zal in een aantal gevallen het uur van de waarheid zijn, want dan blijkt die hoog geprezen luidspreker met een klap door de mand te vallen, waarvan eerst natuurlijk de CD de schuld zal krijgen. Niettemin zal dat standpunt na verloop van tijd niet houdbaar meer blijken, waarmee dan een stukje Freudiaanse 'geluidstechniek tot het verleden zal behoren. Misschien zal dan ook blijken dat het veel gebruikte verschil tussen pop- en klassiek-luidsprekers niet of nauwelijks bestaat. Wat wl bestaat zal dan veel duidelijker worden: er zijn luidsprekers met een forse eigen vervorming en aangezien het maskeringseffect voor vervorming bij popmuziek veel groter is, komen die luidsprekers er bij pop gunstiger af dan bij klassiek.

ESL 63 met metalen grill van Quad Musikwiedergabe

Luisterervaringen
Misschien is u de relatie tussen het voorgaande en de Quad ESL-63 niet geheel duidelijk. Ik heb wat langer bij het verschijnsel monitorluidspreker stilgestaan, omdat ik van mening ben dat de 63 de beste monitorluidspreker is die ik ken. Vergeleken met zijn voorganger heeft de 63 een veel betere spreiding in het hoog en kan hij veel meer vermogen verwerken. Bovendien loopt hij in het laag verder door en is de definitie in het laag zo mogelijk nog wat beter. Zeer opvallend echter is dat de 63 mr laat horen en duidelijk minder bijverschijnselen heeft. Waar de oude zo rond de 1200 en 7000 Hz nog wel iets van een randje had, is de 63 geheel 'schoon'. Reden waarom sommigen er extra tweeters bij plaatsen, want de hoogresonantie wordt blijkbaar gemist. Het bewijst eens te meer, dat slechte eigenschappen van luidsprekers vaak het meest worden gewaardeerd.

Het opvallenste van de ESL-63 is wel dat platen die vroeger als gelijkwaardig werden beschouwd, nu ineens verschillen laten horen. Ook twee kanten van n plaat blijken nu niet hetzelfde meer te klinken, zoals de Mozart-concerten met Gulda op DG. En bij lichte muziek is hoorbaar geworden hoe met de opstelling van scheidingswanden is gewerkt. Het verschil in akoestiek tussen bijv. de stem van Shirley Bassey en het orkest is heel opvallend. Heel opvallend is ook dat platen die vroeger nogal donker klonken dat nu missen en omgekeerd.

Nooit heb ik een Steinway of Bsendorfer vleugel zo realistisch horen weergeven. Opnamen van Brendel met Liszt (Philips), Asjkenazy met Schubert, Liszt, Beethoven en Mozart (Decca) en Rosenbergermet Debussy (Delos) hebben enorm aan realisme gewonnen.

Bij orkestwerken is vooral de strijkersweergave aanzienlijk verbeterd. Het meest valt dat op bij de betere Compact Discs, maar ook oudere platen laten daarover geen misverstand bestaan: Mozart-symfonien (Argo), symfonien van C. Ph. E. Bach (Philips), Bartk (Argo), Mendelssohn (EMI), Tsjaikofski en Sjostakowitsj met Haitink op Philips. Zang: Elly Amelings 'Schubertiade' op Harmonia Mundi, John Shirley-Quirk met Beethoven en Brahms op Decca (wat een schitterende plaat is dat!) en een Gloria van Vivaldi op Argo. Ook lichte muziek, Elton John, Shirley Bassey, Janis Ian, Dutch Swing College, Oscar Peterson, Jimmy Smith, Astrud Gilberto enz. Het beluisteren van de CD (zie ook Luister van januari jl.) was ronduit een openbaring. Duidelijk staat vast dat ook bij de CD kinderziekten en slechte opnamen niet ontbreken, maar even zo duidelijk is dat er een enorme stap vooruit gedaan is die door deze luidspreker als geen andere wordt aangetoond. Hij geeft constant

het gevoel dat hl] beter is dan de beste opname. Op bijna elke plaat hoort men de lassen en het regelen van de technicus. Niet dat dit nu zo vreselijk storend is, maar het is duidelijker dan bij andere luidsprekers. De afgelopen maanden heb ik een aantal andere luidsprekers beluisterd, ook met de CD, waaronder de B&W 801, verschillende oudere IMF's (ALS en TLS) de AR-10 pi, en natuurlijk de in febr. jl. besproken KEF 103.2. En niet te vergeten de giganten van JK met de B&W 801 eenheden. Steeds heb ik het gevoel dat de ESL-63 rustiger en natuurlijker is en een gladder verloop heeft dan alle andere luidsprekers. De verschillen tussen diverse opnamen zijn op de Quad groter, ook wanneer ik vergelijk met JK's luidsprekers. Maar ik heb hem al horen mompelen: 'Waar zet ik ze neer'. Dus wie weet... (Geen plaats, verliefd op mijn huidige en geen geldjes - JK)

Conclusie

De Quad ESL-63 is de moeite van het wachten waard geweest. Van '63 af. De techniek laat ik verder buiten beschouwing omdat dat uitstekend beschreven staat in de folder en in de overdruk van PJW's lezing voor de AES. Het is zonder twijfel de meest eerlijke en neutrale luidspreker die ik ken. Inderdaad mogen we hopen dat deze luidspreker een grote verbreiding zal krijgen in opnamestudio's, platen en uitzendingen kunnen er alleen maar beter van worden. In het tweede deel van Op reis... worden de Quad 34 voorversterker en de FM-4 tuner behandeld.

Importeur: TransTec, Rotterdam.
Prijs: f 3500,- per stuk.
(maart 1983)

 

<< Terug